Stukje Fietsen, enzo… · reisblog 2007–2008
Vier dagen Iran
Beste mensen!
Ik ben nog maar een week weg maar heb intussen al wel ruim 2000km
afgelegd, dat red je niet op een fiets! Vorige week zat ik bij Apollo
thuis, in Alanya. Die avond werd ik door zijn broertje naar de bus
gebracht, de bus naar Sanliurfa. Daar kwam ik in de ochtend aan, met
druilerig weer. Jammer. Tijd om m’n warme kleren tevoorschijn te
halen! In een goedkoop hotelletje kwam ik twee Nederlanders tegen die
al 17 maanden onderweg waren en min of meer de omgekeerde route van
mij deden, leuk om over te horen!
De volgende ochtend een minibusje naar Harran genomen, volgens velen
de langst continue bewoonde plek ter wereld. Maar in wat voor woning!
Er staan daar een soort bijenkorfachtige hutten, vreemd om te zien.

Maar ook daar was het koud! En toen ik de volgende ochtend uit de bus
stapte in Van was het zowaar nog kouder, lekkere vakantie!
Van ligt helemaal in het oosten van Turkije, niet ver van de grens met
Iran. Ik ben daar 1 nacht gebleven en nam de volgende ochtend een
klein busje naar het grensplaatsje. Dit busje moest over een hoge
pas, en we haalden allemaal auto’s in die stopten om sneeuwkettingen
om te doen, mijn busje niet. Dat vond ik dapper van de chauffeur, maar
goed, hij doet het dagelijks… Toen we even later in de voorkant van
een vrachtwagen geparkeerd stonden was het toch even schrikken: hoop
bloedneuzen en schrammetjes (verder niets). Maar het busje kon niet
verder. Dus ik liftte verder en kwam aan in Dogubayazit, het grens-
plaatsje. Daar een nachtje geslapen en toen was ik klaar voor Iran!
’s Ochtends vroeg naar de grens, want in Iran zou het 1.5 uur later
zijn. In Turkije waren nog een hoop militairen, maar toen ik naar de
Iraanse grens liep waren (tegen al mijn naïeve verwachtingen in) geen
wapens meer te zien! Er waren slechts vriendelijke beambten die meer
gezellig kletsen dan dat ze grondig m’n paspoort bekeken. Ik werd
hierna direct een Tourist Information kantoor ingeleid waar ik welkom
werd geheten door een hele vriendelijke, mooie Iraanse dame! Ze sprak
goed Engels, we dronken thee en ze hielp me met het wisselen van geld.
Ik kan dus met vrouwen praten! En van een sluier was geen sprake,
slechts een simpele hoofddoek waar haar haar onderuit kwam. Mocht dat
dan? Van mijn beeld van Iran bleek na nog geen 5 minuten weinig over.
Als miljonair liep ik naar beneden, en nam voor nog geen 20 eurocent
een taxi over een afstand van 20km, benzine is goedkoop! In Maku
aangekomen nam ik gelijk de bus naar Tabriz, 5 uur rijden naar een
stad met ruim 1 miljoen inwoners. In de bus geen gebrek aan
vriendelijke mensen met snoepjes en koekjes die me vertelden waar ik
het beste uit kon stappen. Toen weer een taxi genomen die totaal niet
op een taxi leek, en dat waarschijnlijk officieel ook niet is. Een
leuk gesprek met de chauffeur en op m’n bestemming weigerde hij
betaling, dat vond ik vreemd dus ik drong wat aan, maar nee, echt, hij
wilde geen geld! Maar toen ik dan toch echt dreigde weg te lopen zei
de beste man, enigszins verlegen, maar volledig terecht natuurlijk,
dat hij wel geld wilde. Dus betaalde ik hem, en achteraf veel te veel.
Maar goed, het gaat om centen. Later las ik dat het weigeren van
betaling een soort beleefdheidsritueel is. Ik voelde me een beetje
ziekjes, waarschijnlijk toch iets verkeerds gegeten, hoort een beetje
bij reizen. Maar dat zorgde er wel voor dat ik het eerste hotel nam
dat ik tegenkwam, niet fantastisch, zeker niet omdat ik de wc vanaf
mijn kamer kon ruiken. Na wat uitgeslapen te hebben voelde ik me beter
en ging ik op zoek naar een beter hotel. Dat vond ik, en er waren daar
twee Engelse fietsers die net op het punt stonden te vertrekken, even
een leuk gesprek dus!
Wat rondwandelen door de stad en weer naar de Tourist Information.
Hier werkt een ontzettend vriendelijke, goed Engels sprekende en
behulpzame man, Nasser, die de beste restaurants liet zien en kaartjes
uittekent als je ergens heen wilt. Hier kwam ik ook Dmitrij tegen, een
Engelse jongen die ook in mijn hotel zat. De volgende ochtend gingen
we samen met het openbaar vervoer (als uitdaging) naar Kandovan. Een
dorpje waar de mensen in uit rotsen gehouwen huizen wonen, een bizar
gezicht!

’s Avonds zijn we de bazaar in gegaan om waterpijp te roken
en wat kleine dingetjes te kopen. Dat waterpijp roken is een
belevenis. Even rondvragen en dan ga je ergens een klein trappetje op
en kom je in een ruimte vol mannen die zitten te roken en thee aan het
drinken zijn (suiker klem je tussen je tanden, en de thee laat je hier
langs stromen). Leuke ervaring, maar je wordt wat duizelig! Terug in
het hotel kwamen we een Belgisch stel tegen, ook al op de fiets! Net
heb ik met hen gegeten en weer waterpijp gerookt, het hoort er een
beetje bij, en het gehad over het rare beeld dat we in het westen toch
hebben van islamitische landen. Op straat zie je hier minstens even-
veel vrouwen als mannen, zo niet meer. De meeste van deze vrouwen
dragen slechts een hoofddoek en bij bijna alle vrouwen komt hun haar
daar onderuit. Een burka heb ik hier nog niet gezien. En verder lijken
vrouwen hun man openlijk tegen te spreken (al versta ik ze natuurlijk
niet), in Turkije zag ik dat buiten Istanbul niet. Of het hier
gevaarlijk zou moeten zijn? (Dat werd me veel gevraagd voor ik weg
ging) Ik kan het me niet voorstellen. Zoals Nasser het stelt: “We are
not Taliban!”. Ik heb hier nog geen baarden gezien (behalve dan een
ringbaardje, dat is in de mode). En bedreigend voelt het totaal niet!
Wel een hoop mensen die op een hele vriendelijke manier geïnteresseerd
zijn en een praatje komen maken. En gerust een half uur met je
meelopen als je ergens naar op zoek bent, dat is me nu al meerdere
keren overkomen.
Goed, dit alles was slechts 4 dagen Iran, maar ik begin te wennen en
het een geweldig land te vinden! Vanavond ga ik naar Tehran, met de
bus. En daar wat visa regelen en misschien wel skiën in de bergen!
Tot over een weekje,
Anne
PS1: Er zijn wat nieuwe foto’s, er staan er hier een paar.
PS2: ik schreef dit bericht 2 dagen geleden, posten lukte toen niet
Dit bericht komt uit het reisblog dat ik in 2007–2008 onderweg bijhield. De site is allang offline; de tekst is teruggehaald uit het Internet Archive.