Deze week hebben we twee keer innovatiebudget (mede)aangevraagd voor projecten die raken aan Machine Law. Een proces dat me deed stilstaan bij een spanningsveld waar ik steeds meer mee worstel: de tegenstelling tussen innovatie en normalisatie.

Het innovatiedilemma

Bij het invullen van de aanvragen moesten we uitleggen wat er “innovatief en onderscheidend” is aan onze projecten die Machine Law-concepten toepassen. Een vraag die bijna voelde alsof we vals aan het spelen waren. Want eigenlijk voelt Machine Law voor mij al lang niet meer als innovatie - het voelt als iets dat simpelweg de norm zou moeten zijn.

Het spanningsveld zit erin dat Machine Law wel degelijk innovatief is, zoals ik vorige week na mijn bezoek aan Rules as Code Europe constateerde. Het gaat verder dan wat er in het veld bestaat. En toch zou het wat mij betreft de standaard moeten zijn, de normale werkwijze.

Uiteindelijk beantwoorden we deze vraag, want zonder het “innovatie” label is er geen budget, geen aandacht, geen ruimte om te experimenteren. Maar juist dat label kan later in de weg staan: “Oh, dat is innovatie, daar hoeven we verder niets mee.”

Bewuste woordkeuze

In mijn communicatie benadruk ik consequent dat Machine Law een POC is - een proof of concept. Niet omdat ik het als experiment wil positioneren, maar omdat ik realistisch wil zijn over waar we staan. Tegelijkertijd vermijd ik actief het woord “innovatie”, juist omdat ik wil dat mensen het gaan zien als een normale, logische manier van werken.

Dit is wellicht de grootste uitdaging: het vinden van de juiste woorden en positionering die enerzijds de ruimte creëren om te experimenteren, maar anderzijds niet in de weg staan van werkelijke adoptie en normalisatie.

Aliza roert dit thema van onvoorspelbaarheid en communicatie op een andere manier aan in haar weeknote Read more poetry. Ze schrijft: “Could it be that we are programmed to be optimistic, to avoid analysis paralysis? Would we ever begin anything at all, if we knew what it would cost us?” En verderop: “It’s a world that we don’t know, that is therefore hard to imagine.” Die observatie resoneert sterk met onze uitdaging bij Machine Law.

Het nieuwe normaal

De vraag die me blijft bezighouden: hoe maken we Machine Law tot het nieuwe normaal? Niet als innovatie, niet als experiment, maar als de standaardmanier waarop we wetgeving omzetten naar uitvoering.

Want dat is wat het zou moeten zijn: het nieuwe normaal. Een wereld waarin het vanzelfsprekend is dat wet- en regelgeving niet alleen in menselijke taal bestaat, maar ook in een machine-leesbare vorm. Niet als uitzondering of als bijzonder project, maar als logisch onderdeel van het wetgevingsproces.

Demos en verwachtingen

Het manifesteert zich ook tijdens onze demos. Na de initiële verwondering komt steevast de vraag: “Wat nu? Hoe kunnen we dit echt maken?” Het is een vraag die me blij maakt - het laat zien dat mensen de waarde zien en verder willen kijken dan het “experiment”.

Tegelijkertijd zit hier een uitdaging: onze POC is zo ver ontwikkeld dat sommigen het al als een MVP zien. Dit creëert verwachtingen die we nog niet kunnen waarmaken. We hebben nog niet de gesprekken met organisaties die er echt mee aan de slag kunnen gaan, al werken we daar wel naartoe. Het is een proces van lange adem.

Structurele uitdagingen en inbedding

Een patroon dat ik steeds duidelijker zie binnen de overheid: het is ontzettend moeilijk om structureel geld te krijgen voor wat als “innovatie” begint. En zonder structureel budget is het bijna onmogelijk om de juiste mensen aan te trekken en formatie te creëren.

Dit verschilt sterk van mijn ervaring bij Spotify, waar “innovatie” (hoewel het daar nooit zo werd genoemd) plaatsvond binnen bestaande teams. Er was geen artificiële scheiding tussen het nieuwe en het normale.

Een van de grootste uitdagingen is dat er eigenlijk geen logische plek is waar deze verantwoordelijkheid zou moeten landen. Machine Law zou optimaal gedijen bij een organisatie die direct verantwoordelijk is voor de digitale werking van wetgeving - maar die organisatie bestaat niet in de huidige structuur.

De zoektocht naar het nieuwe normaal gaat door.