Mensen!

Waar te beginnen? Waar ik gebleven was is het makkelijkst, dat was in Yazd, in Iran! Dat lijkt vanuit Syrië ver weg, in tijd, niet zozeer in afstand.
Twee weken geleden probeerde ik weg te komen, maar door ‘Heart-Rending Departure of the Great Leader of the Islamic Republic of Iran’ en de vakantie daaromheen was ik gelimiteerd in m’n keuzes. Ik nam een bus naar Kashan, een klein stadje in de buurt, en liep daar 2 dagen rond door gerestaureerde historische huizen en parken. Mooi, maar na het heftige India en Pakistan is Iran een beetje een saai land. De vriendelijke mensen, de schone, groene straten, de georganiseerde busstations, de nieuwe en comfortabele bussen maken het reizen minder uitdagend en interessant.

Ik nam zo’n bus naar Tehran en belandde daar in hetzelfde bed in de dorm (gedeelde kamer) als op de heenweg en na een paar uurtjes plofte Joe (de Australiër met wie ik de grens vanuit Pakistan overstak) naast me neer. Snel fabriceerden we een plan, we gingen weg uit Tehran voor de feestdagen, alles zou toch gesloten zijn. Pay (Australisch meisje) sloot zich bij ons aan. En voor we vertrokken gingen we eerst nog op weg naar de Heilige Tombe van Imam Khomeini waar z’n overlijden herdacht werd. Vreemde bedoening daar, een gigantische hangar met duizenden mensen, een festivalsfeer, overal thee, ijs en de lucht van zweetvoeten omdat de schoenen uit moeten.

Dezelfde middag hadden we een bus richting Qazvin, een stadje 2 uur van Tehran verwijderd van waaruit je richting de Kastelen van de Assassins kan gaan. In de bus kwamen we mensen tegen die daar toevallig vlakbij woonden, en die regelden een redelijk goedkope taxi, tenminste dat dachten we. Maar toen we erin zaten en de rit 2 uur bleek te duren (ik bij Joe op schoot op de bijrijdersstoel) waren we ervan overtuigd dat we ons weer eens vergist hadden in de toman/rials. De toman is 10 rial en wordt meestal in spreektaal gebruikt, maar niet altijd, erg verwarrend! Alsnog was de rit minder dan 4 euro per persoon. We kwamen aan in een klein dorpje in de heuvels. Prachtig! We vonden onderdak bij een familie die een simpele maaltijd voor ons kookte en ’s ochtends vroeg een ontbijt klaar had staan.

In de mist klommen we omhoog naar het kasteel dat gebouwd is op een kale rots en zelfs met de toeristische trappen een redelijke klim is. Dit kasteel, en zo’n 50 anderen in de buurt, waren zo’n 900 jaar geleden de vestingen van de religieuze kult die leidende politieke en religieuze figuren ontvoerden en vermoordden. Er is niet veel meer van over, en het ons beloofde uitzicht werd tegengehouden door dichte en koude (eindelijk!) mist. We namen een alternatieve route omlaag die heel uitdagend bleek voor mijn slippers.

Na nog een klim in de avond om het uitzicht alsnog te bewonderen en nog een nacht bij de familie vertrokken we weer richting Qazvin. Daar vertrok Pay en besloten Joe en ik van de keuken in ons hotel gebruik te maken, om een keer geen kebab te hoeven eten. We maakten en aten samen met drie Fransen een gigantische pasta.

Zaterdag was het voor mij tijd om naar Tehran te gaan, ik zou maandag vanuit daar de trein naar Damascus pakken. Joe vertrok dezelfde dag nog om met wat tussenstoppen dezelfde kant op te gaan. In Tehran probeerde ik gelijk het reisbureautje dat m’n ticket had geregeld, te bellen.
Er werd niet opgenomen. Ik mailde ze, er werd niet teruggemaild. Zondagochtend was het hetzelfde verhaal en ik begon het ergste te vermoeden. Na 50 telefoontjes zonder antwoord vertrok ik om het adres op hun website te zoeken. In de buurt aangekomen was het zelfs met lokale hulp onmogelijk het adres te lokaliseren, de beste gok was een bouwput. Een hele vriendelijke Kaveh liep ongeveer 2 uur met me rond en bracht me toen naar zijn huis vlakbij. Wauw! Wat een prachtig huis, volledig westers ingericht en gigantisch! Ik werd achter een van de computers neergezet en Kaveh en zijn schoonvader schakelden al hun contacten in om achter het adres van het reisbureau te komen. Ondertussen maakte zijn schoonmoeder een gigantische lunch klaar en liepen zijn schoonzusjes in westerse kleding en ongesluierd om ons heen.
Een paar uur later gaven we op, al bleef ik onderweg naar m’n hotel in iedere telefooncel die ik tegenkwam bellen. Maandag, de dag dat de trein ’s avonds zou vertrekken, had ik dus nog geen ticket. Ik besloot om 12 uur dan maar een busticket te kopen. Toen ik die eenmaal had bleek het reisbureau in ene open te zijn gegaan en had ik een berg emailtjes van ze. Ze waren boos op mij, ik zou niet genoeg betaald hebben en gelogen hebben over mijn visum of iets dergelijks. Dat is vreemd want ik had ze een maand eerder al betaald en contact gehad met de ambassades om de visaregels te controleren. Ze kwamen hier nu mee aanzetten op de dag dat de trein (die 1 keer per week vertrekt en 3 dagen duurt) vertrok. Ik stelde voor dat ze me het geld terugbetaalden en ik gewoon de bus zou nemen. Dat was allemaal onacceptabel, maar een andere oplossing was er ook niet. Ik kwam er niet uit met ze, en besloot het er maar even bij te laten. Het reisbureautje dat de ‘middelman’ was, was samen met mij boos en beloofde z’n best te doen mijn geld terug te krijgen.

Zodoende begon ik die avond dus aan een busavontuur richting Syrië. Ik had een nachtbus richting Tabriz, daar kwam ik ’s ochtends geradbraakt aan en kocht een kopje thee waarmee ik gelijk de bus naar Maku instapte waar om 10:30 gedeelde taxi’s naar de grens met Turkije vertrokken. Onderaan de berg bij de grens wisselde ik m’n geld en met een verlaat ontbijtje nam ik een minibus omhoog naar de grens. Daar kocht ik een nieuw Turks visum en een half uurtje later zat ik in weer een ander minibusje op weg naar Dogubayazit. Daar had ik net genoeg tijd voor een lunch voor m’n busje (zelfde route waarop ik eerder een ongeluk had) richting Van. In Van vond ik, met hulp van een ex-illegale-immigrant uit Nederland die vloeiend Nederlands sprak en voor de militaire politie werkte, een goedkoop ticket dat heel Turkije doorstak. Zo zat ik die avond dus in een bus met vliegtuigachtige service naar een Turkse film te kijken met veel bloot. En zo kon ik voor het eerst sinds lange tijd alle borden langs de kant van de weg weer lezen (niet begrijpen), en zo zat ik net als de andere passagiers, op z’n westers, strak voor me uit te kijken en niet met m’n buren te communiceren.
Na m’n tweede nacht in een bus kwam ik aan in Gaziantep vlakbij de grens met Syrië. Ontbijt sloeg ik dit keer over, Turkije is zoveel duurder dan Syrië! Ik nam een minibusje naar de grens, dacht ik. Tien kilometer voor de grens bleek de laatste stop te zijn, daar stonden taxi’s klaar. Een trap. Ik besloot een stukje het dorp uit te lopen en te liften. Twee motorritjes later stond ik bij de grens. Even spannend, zouden ze me binnenlaten? Ik werd vriendelijk welkom geheten en na wat geld wisselen en achterlaten was ik in Syrië!

Daar stonden de taxichauffeurs uiteraard alweer klaar met hun belachelijke aanbiedingen, hopend dat ik geen idee zou hebben van de prijzen daar. Na m’n eerdere liftsucces besloot ik het weer te proberen, maar het was te dicht bij de taxichauffeurs. De eerste auto stopte gelijk, maar toen ik instapte werden de chauffeurs woest waarop ik uit moest stappen en ik op m’n beurt boos kon zijn op de taxichauffeurs. Ik liep 100 meter weg en de volgende wagen werd, voor hij bij mij aankwam, door de chauffeurs belaagd. Toch, of juist?, stopte de auto en ik maakte duidelijk dat ik een arme student was die graag goedkoop naar Aleppo (Haleb) wilde. De man leek het te begrijpen en een half uurtje later stond ik in het centrum. Daar bleek er toch een addertje onder het gras te zitten en was de beste man in ene wel een taxichauffeur die 30 dollar voor het ritje wilde. Ik kwam er uiteindelijk met 2 dollar onderuit.

Syrië! Nog maar 1 uur tijdsverschil met Nederland. Anders dan landen waar ik tot nu toe geweest ben. M’n eerste Arabische land op deze reis! Ik liep rond om een hotel te zoeken en werd nauwelijks aangekeken. Wat blijkt, ik zie eruit als een Arabier! Zelfs een Japanse toeriste dacht dat ik in het hotel werkte. De prijzen waren, in vergelijking met de Lonely Planet, wat omhoog gegaan, en zodoende besloot ik naar de plek te gaan die het slechtst aangeschreven stond. En ik was niet de enige. Het dakterras daar, waar je een matras kan huren, lag vol.

Het werd een gezellige avond. Syrië is geen ‘droog land’, en we kochten dus lokaal bier en arak (ouzo/raki) en ondanks twee vermoeiende nachten in de bus viel ik pas om 3 uur behoorlijk dronken in slaap. De volgende dag moest ik daarvoor betalen met een pijnlijke kater. Halverwege die dag kwam Joe (dezelfde Joe uit Pakistan en Iran) aan. We verdwaalden de rest van de dag in de prachtige bazaars en aten overal lekker eten. Syrië heeft, in tegenstelling tot Iran, een streetfood-cultuur. Super voor reizigers: kebabs, falafel, humus, versgeperste sappen, zoete broodjes en vele andere dingen zijn hier overal en heel goedkoop te vinden.

Vandaag is het vrijdag, de zondag in het Midden-Oosten. Alles is dicht, maar niet de hammam (badhuis). We namen vanochtend de ‘uitgebreide behandeling’ en lagen zodoende een uur lang op een vloer waar we alle kanten op geslingerd werden terwijl onze huiden van ons lichaam geschraapt werden. Nadat al die bagger weggespoeld was werden we met de lokale zeep helemaal schoon gewassen en zaten we in handdoeken gewikkeld thee te drinken.

Vanavond gaan we, onder het genot van een nargileh (waterpijp) en thee, Nederland-Frankrijk kijken. Het Europese voetbal is hier heel erg populair! De komende twee weken reis ik hier rond en begin juli ben ik weer in Europa, half juli weer in Nederland! Tussendoor schrijf ik nog!

Groetjes,
Anne

Reacties (11)

mobin · 13 juni 2008

GEWELIDIG!

Hylke · 14 juni 2008

Nice :) Syrie klinkt veel als Egypte als je t zo omschrijft. Heerlijk die straat-eet cultuur!


Hylke

Niels van Alphen · 14 juni 2008

Anne, je blijft een held! Je wordt gemist!

Alain · 14 juni 2008

Mooi verhaal weer Anne.


Hopelijk heb je net zo genoten van Nederland-Frankrijk als wij!


Groeten,


Alain


ps.: en doe ook maar de groeten van Ria & Huub, want die zitten nu op Terschelling bij het Oerol festival.

Andra · 15 juni 2008

Wauw Anne, mooi verhaal weer!


Blijf nog even lekker genieten daar, die laatste maand is waarschijnlijk voorbij voordat je d'r erg in hebt...


Dikke kus, Andra

je mama · 15 juni 2008

Echte reisverhalen, boeiend en vermoeiend tegelijk, wel heerlijk zo'n hamman er achteraan, maakt het weer helemaal goed. kus van ons hier

wm · 15 juni 2008

Hey anne, blijft leuk om te lezen, groet wim

guusje · 15 juni 2008

De verhalen worden ook steeds langer... hoe moet dat nou straks als je weer terug bent en niet meer zoveel spannende dingen meemaakt! Dat wordt goed afkicken.


Hier nog steeds alles goed, druk maar tegelijk ontspannen. Tot binnenkort genietse nog en maak vooral nog meer mooie verhalen voor later aan!!


Liefs Guusje

Henry · 16 juni 2008

Wat een wonderreis!

WFL · 16 juni 2008

mooie verhalen van de reiziger. nog een maandje dan weer afkicken tot de volgende keer ;)
MZZL en plezier nog!

Paul · 17 juni 2008

Hoi Anne,
weet niet of je weet wie ik ben, maar we hebben samen op het Michael College gezeten en heb een tijdje met je broertje in het Saentje gewerkt.
Wilde even laten weten dat ik je verhalen al een tijdje volg en dat ik het echt een fantastische reis vind. Ik zit nu in Oeganda voor een stage, maar zit erover te denken om volgend jaar over land naar India te reizen via ongeveer de route die jij gedaan hebt. Alleen laat ik m'n fiets thuis! Het klinkt in ieder geval allemaal prachtig en prima te doen.
Nog heel veel plezier tijdens je laatste maandje.
Groetjes vanuit Kampala!