Dag mensen,

Na elf indrukwekkende dagen is hier weer een verslag. In Rishikesh cancelde ik m'n ticket naar Daramsala en stapte ik na 4 dagen gastronome verwennerij op een 17 uurige nachtbus naar Manali. Deze busreis was de meest dramatische tot nu toe. Vlak voor ik op de bus stapte nam ik namelijk een zogenaamde 'bread-pakora', een gefrituurd stapeltje witbrood, en dat was een grote fout. De eerste uren vermaakte ik me prima met het luisteren en kijken naar de zingende en dansende busbevolking. Maar daarna moest ik acuut het raam open en m'n hoofd naar buiten steken om de bread-pakora terug te geven aan de natuur. Maar de natuur was niet snel tevreden en wilde meer; de hele nacht besteedde ik aan het kijken naar het wegdek. In Manali aangekomen kocht ik een ticket voor de volgende morgen en probeerde ik een kamer naast de bushalte te vinden zodat ik 's ochtends om 4 uur uit m'n bed in de bus kon stappen. Alles bleek daar ruim dubbel mijn budget en na wat ongeduldig geschreeuw van mijn kant, ik was immers ziek, tegen onverschillig hotel personeel gaf ik op en nam ik een kamer 4 km buiten het centrum. En dat bleek een goede keuze. Na een middag en avond half slapend in de boomgaard en een nacht in een zacht bed was ik weer helemaal klaar voor de 14 urige busreis naar de plek waar de Dalai Lama les gaf. Deze bus bleek half vol te zitten met westerlingen met hetzelfde doel. In Kaza aangekomen namen we met z'n 13-en een jeep (ja, dat past) en gingen we op weg naar het klooster waar Zijne Heiligheid les gaf. Daar aangekomen bleek hij zijn agenda aangepast te hebben en hadden wij 2 lesdagen gemist, 4000 anderen hadden dit blijkbaar gehoord en zij bevolkten de 3600 meter hoge, stoffige heuvelrug. Met moeite vonden we een minuscule 3 persoonskamer voor een gigantisch bedrag en hier trokken we met z'n 13-en in. Onze groep was bijzonder gemixt met leeftijden variërend van 20 tot 60 en de nationaliteiten Nederland, Zuid-Afrika, België, Australië, Engeland, Zwitserland en Amerika.

De volgende morgen vonden we een plek in het klooster vlak naast de luidspreker met de vertaling, en de les begon. Van waar ik zat kon ik de Dalai Lama niet zien en aangezien we de voorbereiding voor deze les hadden gemist en ik niets van Tibetaans boeddhisme weet kon ik totaal niets maken van de les. Halverwege gaf ik op en besteedde ik de rest van m'n middag aan het verbranden in de hete bergzon en het lezen van een boek. 's Middags vonden we een truck die ons naar Tabo kon brengen waar de volgende serie lessen zou worden gegeven. Tabo is een dorpje dat wat lager in de vallei ligt en verrassend groen is. Er is daar een 1300 jaar oud klooster en het is de plek waar de Dalai Lama gaat wonen als hij 'met pensioen' gaat. We vonden daar een iets grotere kamer in een familie huis. Dit huis was een traditioneel Tibetaans huis met een plat dak ideaal voor yoga, martial arts (vechtkunst) en meditatie. Hetgeen dan ook volop beoefend en geleerd werd. Daar kwam ik Sharna weer tegen, het was nu de 3e keer dat we elkaar tegen het lijf liepen. Na een rustdag vol met interessante gesprekken met interessante mensen gaf Lama Ji (zoals hij in Hindi genoemd wordt) weer les. En dit keer zat ik zo'n tien meter van hem vandaan en was de les meer inleidend en de basis zodat het zelfs voor mij goed uit te houden was. Maar zelfs als ik niets van de lessen had begrepen was het de moeite waard geweest. De man is iemand die je aan het lachen maakt, als je hem ziet weet je dat het een door en door goed mens is. Altijd vrolijk, tijd voor grappen en je hebt het gevoel dat hij de tijd neemt om een voor een 4000 mensen in de ogen te kijken.

De volgende dag was de opzet van de lessen wat anders en kon ik hem niet zien, ik gaf halverwege weer op en wist toen dat Tibetaans boeddhisme niet mijn ding was. Het is voor mij teveel een geloof met teveel goden en teveel termen die geleerd moeten worden. Desalniettemin had een goede dag.

's Ochtends om 4 uur stond ik op om de bus terug te nemen naar Manali, de buschauffeur had me gezegd dat er een bus was om 5 uur. Maar tussen 5 en 11 uur was er geen bus te zien op het busstation. Ik ging dus maar weer terug naar m'n kamer en besteedde nog een dag aan eten, lezen en praten en in de zon zitten. 's Ochtends probeerde ik het nog een keer en deze keer om 4 uur. Om 5 uur vertrok er een bus naar Manali en ik zat erin. Gisteravond om 5 uur kwam ik hier aan, in de regen: de monsoen is begonnen!

Druipend vonden we een kamer in Vashishat, vlakbij Manali. En toen de regen gestopt was besloot ik nieuwe kleren te gaan kopen om een wasbeurt te voorkomen. In Vashishat is een tempel met hot-springs, een geweldige manier om het hoogland stof van je lichaam te wassen. Vanochtend vond ik een andere kamer, vlak naast de hotspring en met een tuin. Hierna ging ik naar de stad, naar het 'ziekenhuis' om een stooltest te doen. Ik was bang dat ik in de afgelopen maanden iets opgelopen had, maar de uitslag vertelde me dat ik volledig gezond was. Opgelucht brandde ik m'n foto's op een cd en stuurde ik deze per vliegtuig naar huis.

Op de 19e ga ik per bus naar Daramsala, de woonplaats van de Dalai Lama, waar ik waarschijnlijk ayurvedische-massage ga leren. En dan 10 dagen later ga ik in de richting van Delhi om Wout, m'n broertje, op te halen.

Groetjes,
Anne