Dag mensen,

Na 15 bloedhete dagen ben ik nu in Agra. In Varanasi beëindigde ik mijn Hindi lessen na 28 uur. Deze uren gaven me een berg nieuwe woorden maar m'n Hindi is verre van vloeiend! Toch blijken mensen in de straat het geweldig te vinden als ik wat in Hindi tegen hen zeg: tegen rickshaw-wallahs zeg ik 'paidal hai' (te voet), tegen chai wallahs 'hamko ek chay chahiye' (ik wil een thee) en tegen opdringerige straatventers 'sir par mat baithiye' (zit niet op mijn hoofd, laat me met rust). Op m'n 12e en een na laatste dag in Varanasi hadden Jerrot en Laurence (een Ier en Engelsman) elkaar overgehaald om in de Ganges te zwemmen. De Ganges of 'Ganga Ji' zoals de hindus haar noemen, is 3000 keer zo vies als wat is toegestaan in Europa voor zwemwater. Ik geloof dat ik dat al gezegd had, maar ik herhaal het even om aan te geven wat een groot risico we namen om onze zonden weg te wassen.

Na mijn laatste les ging ik nog dezelfde avond per trein naar Satna om vanuit daar per bus verder te reizen naar Khajuraho. Op het station, in de rij om te vragen op 'kya platform' (welk perron) de trein zou vertrekken, kwam ik een Amerikaans stel tegen met wie ik de komende week zou reizen. Ze waren slechts een paar dagen eerder via Nepal in India aangekomen en waren nog behoorlijk in een 'culturshock'. Beiden hadden ze al behoorlijk wat van de wereld gezien maar nergens was het volgens hen zo ongeorganiseerd en vies als in India. Ze vroegen mij, de doorgewinterde India reiziger, de oren van m'n hoofd.

Na een nacht redelijke slaap kwamen we in Satna aan waar men in voorbereiding op de verkiezingen, in deze staat op 5 mei, het busvervoer half plat had gegooid. Het lukte ons om een kaartje te krijgen voor een bus die volgens alle mensen niet naar Khajuraho ging maar er uiteindelijk toch aankwam.

Khajuraho is een dorpje met geen stad in een straal van 200 kilometer. En het huisvest een van de grootste toeristische attracties in India, de 'erotische tempels'. Deze tempels zijn gebouwd tussen 950 en 1050 AD door de Chandela's. De tempels zijn volledig gemaakt van zandsteen en van binnen en buiten versierd met beeldhouwwerk. En het meest opvallende is de volledige Kamasutra die in groot detail is afgebeeld. Erg indrukwekkend om in de goed onderhouden tuin rond te lopen tussen de tempels die nog nauwelijks tekens van verval vertonen.

De volgende ochtend bezocht de prime-minister van India dit rustige stadje. En uiteraard ging dit gepaard met het nogmaals platgooien van bijna al het busvervoer. Met een kleine omweg en een hoop gezoek naar de juiste bus op de overstap plaats lukte het ons, mij en de Amerikanen, om weg te komen. We kwamen na zo'n 6 uur (locaal) bussen aan in Orchha. Juston was jarig en we gingen dus op zoek naar bier. Maar wat bleek: in voorbereiding op de verkiezingen was het absoluut niet toegestaan bier te verkopen. Uiteindelijk vonden we een politieagent bereid om op z'n politie motor een paar biertjes voor ons te halen dit uiteraard in ruil voor wat 'baksheesh' (smeergeld). We genoten van het lauwe bier dat er voor zorgde dat we de volgende ochtend pas rond een uur of tien pas opstonden.

Orchha is een nog kleiner dorpje dan Khajuraho en een stuk minder toeristisch. Er zijn geen straatventers en de prijzen zijn Indisch goedkoop. Ooit, in 1531, was dit de hoofdstad van de Bundela's. En zij hadden er heel wat van gemaakt. Het staat vol met ruïnes van Kastelen, Paleizen en tempels. En veel in een goede staat. De toegang voor alles daar is 30 rupees. In schril contrast met de 250 rupees voor de Khajuraho tempels of de 750 rupees voor de Taj Mahal. Ik heb 2 dagen rondgehobbeld in al deze gebouwen afgewisseld met een duik in de rivier daar en 'socializen' in het locale restaurantje. Erg mooi plaatsje dat ik zeker niet had willen missen!

Maar op de 5e mei hadden we het wel gehad daar, tijd om verder te reizen. Uiteraard kwamen de verkiezingen de boel toen weer verpesten. De hele dag lag alles plat maar rond een uur of 6 's avonds lukte het ons een rickshaw naar Jansi te regelen. Daar sprongen we op de allereerste overvolle trein naar Agra. Daar kwamen we rond middernacht aan. We hadden allerlei verschrikkelijke verhalen over deze stad gehoord. Het zou een plek zijn waar je zo kort mogelijk moest verblijven, en de rickshaw-wallahs zouden dramatisch zijn. We waren dus op het ergste voorbereid en werden positief verrast. Er stonden slechts 10 rickshaws te wachten en binnen een minuut hadden we er een voor de juiste prijs. En een paar minuten later lag ik lekker te slapen in een tweepersoonsbed terwijl de muggen me opaten omdat ik vergeten was crème op te smeren.

Vanochtend dwong ik mezelf om rond 6:30 op te staan om vroeg naar de Taj Mahal te kunnen gaan, voor de toergroepen en Indische toeristen aankwamen.

De Taj Mahal is 's werelds grootste monument voor de liefde. Het is gebouwd door Mughal koning Akhbar toen zijn tweede vrouw stierf en zijn hart brak. Het is een gigantisch wit marmeren gebouw en verreweg het meest indrukwekkende bouwwerk dat ik ooit gezien heb. Het reflecteert de zon zo dat het scherpe schaduw's maakt op plekken waar geen direct zonlicht komt. Het is ingelegd met half-edelstenen en gekleurd marmer. Ondanks de heftige toegangsprijs en vooral het heftige verschil tussen die van buitenlanders en Indiërs (750 tegenover 20 rupees) is het zeker de moeite waard!

Morgenochtend ga ik naar Delhi om vanuit daar 's nachts een trein naar Haridwar, het begin van de Ganges, te nemen. Nu ben ik aan het overwegen of ik voor het eerst sinds het begin van m'n reis naar een westerse voedselketen zal gaan: ze hebben hier een pizzahut!

Groetjes,
Anne